Hoe voorkom je een ‘winterdip’?

Hoe voorkom je een ‘winterdip’?

Het is alweer september. De dagen worden korter. Hoe zorg je nou dat je uit de buurt van een winterdip blijft? Een winterdip is minder heftig dan een winterdepressie. Toch kun je je knap ellendig voelen. Zo’n 1,3 miljoen Nederlanders hebben er jaarlijks last van. Gelukkig zijn er manieren om je mentale batterij snel weer op te laden. Kenmerkend voor een winterdip is dat je je down en minder energiek voelt. Daardoor heb je de neiging om minder te bewegen, meer te eten en sociale contacten uit de weg te gaan. Dat terwijl je eigenlijk juist het tegenovergestelde zou moeten doen. Hieronder vind je 4 tips die je helpen om jouw lichaam en geest voor te bereiden op het najaar.

 

  1. Begin nu al met vitamine D

In Nederland schijnt de zon gemiddeld 5 maanden per jaar krachtig genoeg om voldoende vitamine D aan te maken in je lichaam. Dat betekent dat er 7 maanden per jaar overblijven waar je een tekort hebt aan zonlicht. In die periode staat de zon relatief laag en is er onvoldoende UVB-straling om voldoende vitamine D op te kunnen nemen. Bijslikken in de vorm van een supplement is dus belangrijk, vooral als je vatbaar bent voor sombere gevoelens. Er zijn namelijk steeds meer aanwijzingen voor een verband tussen je stemming en vitamine D. Vermoedelijk verlaagt een vitamine D-tekort het serotoninegehalte, een stofje in de hersenen dat belangrijk is voor je geluksgevoel.

 

  1. Serotonine aanmaak verhogen

Uit onderzoek blijkt dat serotonine een hormoon is dat reageert op daglicht. Overdag als de zon schijnt maak je veel serotonine aan. De serotonine die je overdag produceert, wordt ’s avonds omgezet in het ‘slaaphormoon’ melatonine. Omdat we in de winter minder daglicht zien, vlakt de productie van zowel melatonine als serotonine af. Daar voelt het nacht- en dagritme minder duidelijk. Kijk dus niet gek op als je in de winter slechter slaapt dan in andere seizoenen. Omdat je minder serotonine produceert, kun je je bovendien somber of vermoeid gaan voelen. Voeding kan op verschillende manieren je serotoninegehalte beïnvloeden. Voldoende inname van vitamines en mineralen verhogen de aanmaak van serotonine. Het gaat hierbij vooral om vitamine B3, B6 en magnesium. Geschikte voedingsmiddelen met vitamine B3, B6 en magnesium zijn bijvoorbeeld rood vlees, zonnebloempitten, vis, melk, bananen, pinda’s en eieren.

 

  1. Schakel over van verkoelende voeding naar verwarmende voeding

Binnen de Westerse voedingsleer ziet men voeding vooral als een optelsom van eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines en mineralen. De Chinese Voedingsleer kijkt op een andere manier naar voeding en hecht bijvoorbeeld waarde aan het thermische effect van levensmiddelen. Voeding kan grofweg in verwarmende en verkoelende producten worden onderverdeeld. Verkoelende producten helpen je lijf tot rust komen en maken het koeler. Verkoelend werken onder andere fruit, yoghurt, bladgroenten, komkommer en water. Verwarmende producten brengen je lijf in beweging, warmen het op en helpen bij het afbreken van afvalstoffen. Voorbeelden zijn peper, kaneel, kruidnagel, wortel, venkel en ui. Nu we langzaam maar zeker richting de herfst gaan, doe je er slim aan verkoelende voeding af te bouwen en te kiezen voor verwarmende maaltijden. Ontbijt bijvoorbeeld niet met een ijskoude smoothie, maar eet een bord warme havermoutpap. Een grote salade tijdens de lunch? Dat past meer bij de zomer. In de herfst heb je baat bij een warme kop soep. Ook gemberthee zorgt ervoor dat je lekker warm blijft als het buiten weer wat kouder wordt.

 

  1. Zorg voor voldoende beweging

Veel zitten is ook niet bevorderend voor je stemming. Mensen die totaal niet fysiek actief waren hadden 99% meer kans op het ontwikkelen van depressie dan vrouwen die regelmatig bewegen en sporten. Volgens onderzoeken werkt het twee kanten op: depressie ontneemt mensen de energie en motivatie om te bewegen, en veel zitten maakt de depressieve gevoelens erger. Gebrek aan daglicht in de winter maakt de situatie er niet beter op. Wat helpt is buiten sporten. Ook als de temperaturen dalen. Het versterkt je immuunsysteem, doordat de temperatuurverschillen tussen binnen en buiten de doorbloeding stimuleren en dat je immuunsysteem hierdoor een boost krijgt.